dinsdag 14 oktober 2014

Canarische warmte in aantocht


In weekend lekker nazomeren


Algemeen
Met een (zuid)westelijke stroming wordt de komende dagen periodiek onstabiele maar onverminderd zachte lucht aangevoerd. Grote neerslaghoeveelheden worden er niet verwacht. In het weekend met hogedrukinvloed meer zon, nog wat verder oplopende temperaturen en vooral in de bergen extreem zacht.

Gisteren konden we in de Alpen even genieten van wat rust in de atmosfeer. Daarvoor verantwoordelijk was een tussenhoog dat van het westen uit binnen schoof. De meeste zon was voor de noordkant en de oostelijke Alpen weggelegd. De zuidkant had wat meer last van wolken(velden) en lokaal viel er ook nog wat regen of een bui(tje).


Gisternacht viel er op het koufront en in de iets koudere lucht boven de 2500 a
2700 meter hoogte een laagje sneeuw (Alp d' Huez, 3060m)


licht "angezuckert" ook in het Franse Tignes

De komende dagen blijven we onder de invloed van een zuidwestelijk tot westelijk regime waarmee vandaag en ook op vrijdag zwakke storingen het weerbeeld bepalen. Veel activiteit wordt er niet op verwacht maar helemaal droog zal het ook niet blijven. De neerslag zal vooral een buiige karakter hebben en de sneeuwvalgrens ligt op circa 2500 tot 2700 meter. De lucht die wordt aangevoerd is iets minder zacht dan dat we de laatste tijd gewend zijn (iets meer westelijke component) maar is nog altijd veel te zacht voor de tijd van het jaar. Op 2000 meter pendelt het kwik rond de 7 graden en op 3000 meter rond of net iets boven het vriespunt. Bij dit alles staat een matige tot sterke westelijk wind, in de zuidoostelijke (Kalk)Alpen een stormachtige wind.


en dan ook nog maar een winters plaatje van gisterochtend vanuit
het Zwitserse Engadin 

Ondertussen zien we in de tweede helft van de week boven de Atlantische Oceaan een lummel van een depressie opduiken. Vrijdag ligt het systeem met zijn kern (kerndruk 960 hPa) ten westen van Ierland. Zaterdag vult de depressie langzaam op waarbij we de hoogtetrog (uitzakking van lagedruk) tot over de Azoren zien verlopen. Omdat we ons aan de oostflank van de hoogtetrog bevinden betekent dit voor ons de aanvoer van lucht vanuit het zeegebied tussen de Azoren en de Canarische Eilanden. Het moge duidelijk zijn dat deze lucht alles behalve koud is. In het weekend zitten grote delen van west  Europa en natuurlijk ook de Alpen volledig in de warme subtropische luchtsoort. De zuidwestelijke stroming weet zelfs tot in het noorden van Scandinavië door te drukken. Enkel in het uiterste noorden van Scandinavië zal zich de koude vorstlucht met oostelijke winden weten te handhaven.


Tussen lagedruk en hogedruk wordt in het weekend zeer zachte subtropische lucht
aangevoerd. Zelfs Scandinavië gaat voor de "bijl"

"Zomers" weekend
Het weekend belooft dus vooral in de bergen zeer zacht te gaan verlopen. Kijk bijvoorbeeld is naar de onderstaande kaart van het Amerikaanse GFS model voor zondagmiddag. Op het T850hPa vlak, dat is circa 1500 meter hoogte, zien we temperaturen van 16 tot 19 graden. Wanneer we deze kaart in de zomer zouden laten zien dan konden we er meteen bij vertellen dat het overdag in de dalen een graad of 30 tot 32 zal worden. Zo gek wordt het nu natuurlijk niet maar dat we ons kunnen gaan opmaken voor een "hot weekendje" dat staat wel vast. In het noordelijk Alpen laagland en voorland wordt het 20 tot 23 graden en het zou me niet verbazen wanneer het met föhn effecten lokaal gewoon richting de 25 graden of zelfs daarboven gaat. Wel neemt de kans op Hochnebel toe waaronder de temperaturen een stuk lager zullen gaan uitpakken. Ook de Alpenzuidkant moet het met een paar graden minder doen, maar ach, ook dat zijn we inmiddels wel gewend !


GFS T850 hPa voor zondag, zo'n beetje het maximale wat rond deze tijd van
het jaar haalbaar is

Maandag en dinsdag onveranderd zacht waarbij het ook weer toenemend föhnig kan worden. Vanaf woensdag gaan de temperaturen geleidelijk een dalende trend inzetten waarbij ook de wisselvalligheid vanuit het westen gaat toenemen. Een rigoureuze "Umstellung der Grosswetterlage" is echter nog niet aan de orde.

Nnordstau
Gezien de anti-winterse setting en het voor de wintersporter -fanaten toch wel saaie weer een mooie gelegenheid om weer eens een speciaal Alpenweer thema onder de loep gaan nemen. Nadat we de föhn al eerder hadden behandeld gaan we vandaag eens kijken aan welke voorwaarden globaal moet worden voldaan om tot een echte "dump" te komen aan de noordkant van de Alpen:

-Eerste belangrijke factor is "vocht". Hoe meer vocht in de atmosfeer hoe beter. Aan deze eis kan worden voldaan wanneer de stroming van de lucht over grote wateroppervlaktes plaatsvindt. (maritiem).

-Tweede belangrijke factor is "koude lucht". De aangevoerde lucht moet van origine koud genoeg zijn om de neerslag als sneeuw te laten vallen. (maritiem polair).

-De derde belangrijke factor is de "aanstroomrichting". De aangevoerde lucht moet het liefst frontaal tegen het Alpenmassief botsen. Aan de loefzijde van het Alpenmassief wordt de vochtige lucht door de orografie van de Alpen omhoog gestuwd. Hoe hoger hoe kouder en hoe minder vocht de atmosfeer kan bevatten. Gevolg is deels zeer intensieve neerslag aan de loefzijde van de bergen. Deze vorm van neerslag wordt stuwingsneerslag, in het Duits nordstau.


Verloop jetstream
De aanstroomrichting wordt met name bepaald door het verloop van de noordelijke straalstroom (polaire jetstream). Dit betekent dat de de jetstream een noordwest - zuidoostelijk richting moet volgen welke tevens gericht is op de Alpen. Bij een ideale, langer durende aanstroming met voldoende vocht frontaal op de Alpen, kunnen deze stuwingsneerslagen tevens op de achter liggende gebieden (inner-Alpin) overgrijpen en ook daar voor extreme neerslaghoeveelheden zorgen

De vierde belangrijke factor is de "tijd" of "duur". Hoe langer de stroming (jetstream) via de bovengenoemde route plaatsvindt hoe langer de stuwingsneerslag aan zal houden. Of anders gezegd, de sturende weerssystemen moeten quasi stationair worden en gedurende enkele dagen niet of slechts weinig van plaats veranderen.


Verloop polaire jetstream (300 hPa -12km hoogte) frontaal op de Alpennoordkant

Sturende weersystemen
Om aan deze voorwaarden te voldoen hebben we een sturend hogedruk gebied boven de Atlantische Oceaan nodig en een sturend lagedruk gebied boven Scandinavië en Oost Europa. Tussen beide druksystemen zien we een noordwestelijke hoogtestroming (Jetstream). Wordt hieraan voldaan, met inachtneming van de boven vermeldde voorwaarden, dan kan er in 24 tot 72 uur (of ook langer) zeer veel neerslag gaan vallen. In de wintermaanden betekent dit in de bergen en dalen sneeuw. Hoeveelheden sneeuw van meer dan 2 meter hogerop in de bergen zijn dan geen uitzondering. In de dalen valt natuurlijk minder maar ook daar zijn hoeveelheden van 50 cm tot 100 cm zonder moeite haalbaar.


Mooi opgeklaard na dump Zugspitsarena, Bergstation Thanellerkar/Berwang (archieffoto)

Jaarhonderd winter (noord)Alpen

Een extreem voorbeeld van bovengenoemde situatie deed zich voor in de zogenaamde lawinewinter van het jaar 1999. In januari en februari van dat jaar koos de atmosfeer steeds weer voor bovengenoemde constellatie (noordwest stroming) met als gevolg steeds weer optredende extreme stuwingsneerslagen in de Alpen. Binnen 30 dagen viel er aan de noordkant van de Alpen meer dan 5 meter sneeuw met als gevolg steeds weer optredende lawines met enorme schade en vele slachtoffers in Oostenrijk en Zwitserland. Zo werd bv. op de 23 februari het Oostenrijkse dorp Galtür door een enorme stuiflawine getroffen waarbij 21 personen het leven verloren. (een lawine tot aan de dorpsgrenzen van Galtür werd destijds door de autoriteiten in Galtür voor onmogelijk gehouden).


Lawine in Hochfügen, Zillertal 1999

Nordwest Rutsche
De constellatie zoals boven beschreven wordt in het Duits ook wel "Nordwest Rutsche" genoemd, vertaald in het Nederlands betekent dit zoiets als "noordwest glijbaan". De jetstream glijdt als het ware op de flank van het Atlantische hoog van het noordwesten naar het zuidoosten. Deze constellatie staat dus garant voor veel sneeuw aan de noordkant van de Alpen, het Alpen voorland, als mede de Duitse middelgebergten. Natuurlijk zijn er ook andere situatie denkbaar die significante sneeuwval aan de noordkant van de Alpen kunnen opleveren. Geen van deze situaties kan echter opboksen tegen de klassieke noordwest circulatie zoals boven beschreven.


ECMWF 31 januari 2010 met klassieke Nordwest Rutsche -Glijbaan

Tot zover de "Nordstau", nu maar eens afwachten wat de komende winter ervan gaat bakken met betrekking tot de Nordstau. Vorige winter bleef deze compleet uit en was het juist de Südstau die voor veel sneeuw zorgde maar toen dus steeds weer aan de zuidkant. Wat dat betreft hebben de noordelingen nog een "Nachhol Bedarf"(nog iets tegoed)

Inmiddels zijn ook de nieuwste kaarten van het ECMWF binnen. Dramatische veranderingen zijn ook daar nog niet uit op te maken, wel gaat op de langere termijn de stroming meer de westhoek opzoeken en zien we ook dat de straalstroom minder slingert en een wat zuidelijkere west-oost koers gaat volgen (west circulatie , zonaal). Eigenlijk helemaal in lijn met het GFS model.


Na het warme weekend geleidelijk wat dalende trend van de diverse
ensemble leden (GFS T850hPa)

Fijne dag en tot morgen maar weer. Actueel in Oberwallis opklarend na wat nachtelijke regen met een temperatuur van 5.6 graad op 1800m.


ps. Mocht u actuele foto's vanaf locatie hebben of leuke Alpenweetjes  dan zien we die gaarne tegemoet. Sturen naar foto@sneeuwhoogte.nl




Johann Geers,
Termen (Oberwallis, Zwitserland)

Geen opmerkingen: